( IRT Bosio Kouffeld )

Vanuit Ghana is een container kokosnoten onderweg naar Nederland. Achter een dubbele wand zit 650 kilo marihuana verborgen. Bedoeld voor drugshandelaren uit Amsterdam. Het transport is georganiseerd door de Antilliaan H.P. Als officiële bestemming voor de container gebruikt hij een lege BV van een oude zakenrelatie uit Arnhem. De eigenaar van de BV, de fransman M.B., is niet op de hoogte van de ware aard van de lading. De Antilliaan stuurt de afnemers van de container bij de Fransman langs om samen bij de bank het losgeld voor de container te betalen. P. is niet zomaar een tussenpersoon. Hij werkt als informant voor de Drugs Enforcement Agency (DEA). Omdat P. regelmatig met informatie aankomt over dingen die zich afspelen op Nederlands grondgebied, introduceert de DEA de Antilliaan bij de CID- Schiphol. Bij ontmoetingen in het Hilton Hotel op Schiphol tipt de DEA-informant zijn runners over de container kokosnoten uit Ghana. Dan gaat het mis. Door stakingsdreiging in de Rotterdamse haven moet het schip uit Ghana uitwijken naar Antwerpen. De CID-Schiphol besluit de Belgische autoriteiten te informeren over de lading marihuana, zodat de container zo onopvallend mogelijk in beslag genomen kan worden. Omdat de identiteit van de informant bekend dreigt te raken in het criminele milieu verzoekt de CID de Belgen geen verder opsporingsonderzoek in te stellen. De Antilliaan is in paniek en gaat op dezelfde dag langs bij de Fransman. Hij vertelt hem over de drugs en dat de politie ervan weet. Een week later staan de afnemers van de hasj boos bij de Fransman op de stoep. Hij moet mee om de container op te halen. B. weigert dit en doet dezelfde dag nog aangifte van bedreiging en valsheid in geschrifte. Adjudant Buil van de Arnhemse politie belooft het verhaal over de container met drugs door te geven aan de CRI in Den Haag.